Woonoverlast

Meer weten?

Hulp nodig bij de aanpak van woonoverlast? Bel of mail met Katja Steverink van het CCV.

Tussentijdse evaluatie Wet aanpak woonoverlast (eindrapport)

19-12-2019

Uit deze tussentijdse evaluatie van de Wet aanpak woonoverlasthet blijkt dat 70 procent van de onderzochte 205 gemeenten de wet heeft ingevoerd (peildatum september 2019). Circa 20% van de onderzochte gemeenten is nog van plan dit te gaan doen; een wat kleiner deel – een op de acht gemeenten – is dat niet van plan.

Beschrijving

De Wet aanpak woonoverlast biedt een gemeente de mogelijkheid om bij ernstige en herhaaldelijke overlast een gedragsaanwijzing (verbod of gebod) aan de overlastveroorzaker op te leggen. Op basis van een verordening geeft de gemeenteraad aan de burgemeester deze bevoegdheid. Bij overtreding van de gedragsaanwijzing kan een last onder bestuursdwang worden opgelegd, waaronder een tijdelijk huisverbod.

Aard van de overlast
De aard van de overlast betrof in de meeste gevallen geluid- of geurhinder (81%) of intimidatie (63%). Minder vaak kwamen voor de hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in de woning aanwezig zijn (44%) en hinder van dieren (26%). In de meeste gevallen was er (ook) sprake van zorgproblematiek (78%).

Resultaat inzet gedragsaanwijzing
De onderzoekers geven verder aan dat als gevolg van de inzet van de gedragsaanwijzing in circa 60% van de gevallen de overlast is verminderd of verdwenen. In 15% van de gevallen is de overlast niet verminderd. In de overige gevallen is de overlastgever verhuisd, dan wel is de verhuur gestaakt (circa 20%) of is het effect lastig te interpreteren (circa 5%).

Niet gemakkelijk en lichtvaardig
Van de gemeenten met een verordening benut een groot aantal de wet ook als stok achter de deur, door te waarschuwen voor of te dreigen met de toepassing ervan (44%) om zo tot gedragscorrectie te komen. Een beperkt aantal gemeenten heeft de wet ook al in de praktijk toegepast door daadwerkelijk een gedragsaanwijzing op te leggen.

Ook blijkt uit de tussenevaluatie dat, voordat gemeenten overgaan tot het (waarschuwen voor) het opleggen van een gedragsaanwijzing, zij eerst het verwante voorliggende instrumentatrium benutten, zoals buurtbemiddeling en een vrijwillige gedragsaanwijzing. Dit is volgens de onderzoekers een indicatie dat de wet, in overeenstemming met de bedoeling van de wet, gezien wordt als een middel om alleen de zeer ernstige en hardnekkige vormen van woonoverlast aan te pakken, en dat er niet gemakkelijk en lichtvaardig tot inzet van het instrumentarium wordt overgegaan.

Geen wondermiddel
Uit de verdiepende interviews is naar voren gekomen dat het instrumentarium geen wondermiddel is om ernstige woonoverlast aan te pakken. Het gaat om ernstige overlast in doorgaans complexe situaties, die vaak om een veelvormige en multidisciplinaire aanpak vragen. Daarvan is de gedragsaanwijzing een onderdeel, met als sterk punt dat hij op specifieke gedragingen kan worden toegesneden en daardoor preciezer is dan andere maatregelen als gebieds- of contactverboden.

Uit het onderzoek komt naar voren dat gemeenten (en ketenpartners) de behoefte blijven houden aan ondersteuning bij de implementatie en toepassing van de wet, en aan onderlinge uitwisseling van kennis en praktijkvoorbeelden.

Auteurs

Bob van Waveren, Melissa van de Grift en Ger Homburg

Organisatie

Regioplan

Downloads